Voor wie geldt de vergunningplicht?

De vergunningplicht is gericht op twee doelgroepen:

  • Alle instellingen die medisch specialistische zorg (doen) verlenen
  • Alle instellingen die Zvw/Wlz-zorg (doen) verlenen met meer dan tien zorgverleners

Voor de duidelijkheid wordt opgemerkt dat de vergunningplicht ook geldt voor instellingen die zorg verlenen die wordt bekostigd uit een Zvw-pgb of een Wlz-pgb. De vergunningplicht is niet van toepassing op aanbieders die uitsluitend diensten verrichten die onder de reikwijdte van de Wmo 2015 of Jeugdwet vallen.

De vergunningplicht is uitsluitend gericht op hoofdaannemers en niet op onderaannemers, tenzij de hoofdaannemer een zogenoemde “lege huls” is.

Een “lege huls” is een zorgaanbieder die zelf geen zorg verleent en uitsluitend zorg ‘doet’ verlenen door een onderaannemer. In het geval van een “lege huls” moeten zowel de hoofdaannemer als de onderaannemer over een toelatingsvergunning beschikken als zij tot een van de onder 1 of 2 omschreven groepen zorgaanbieders behoren.

Bij de drempel van tien zorgverleners wordt uitbesteding van zorg meegeteld.

Als een instelling bijvoorbeeld werkt met een onderaannemer, wordt het aantal zorgverleners bij deze onderaannemer meegeteld. Gekeken wordt naar het aantal zorgverleners dat namens de zorginstelling Zvw- of Wlz-zorg verleent. Een parttimer telt als één zorgverlener. Een stafmedewerker, vrijwilliger of stagiaire telt niet mee. Een natuurlijk persoon die uitsluitend Wmo-ondersteuning of uitsluitend jeugdhulp verleent telt ook niet mee.

In het Uitvoeringsbesluit Wtza staan de categorieën van zorgaanbieders die zijn uitgezonderd van de vergunningplicht.

De volgende zorgaanbieders zijn uitgezonderd van de vergunningplicht:

  • zorginstellingen die uitsluitend Wlz-schoonmaak, vervoer, roerende voorzieningen of mobiliteitshulpmiddelen verlenen
  • zorginstellingen die uitsluitend Zvw-(hulpmiddelenzorg, vervoer) verlenen
  • regionale ambulancevoorzieningen die zijn aangewezen als Regionale Ambulancevoorziening op grond van de Wet ambulancezorgvoorzieningen
  • de militair geneeskundige dienst
  • inrichtingen als bedoeld in de Penitentiaire beginselenwet
  • rijksinstellingen als bedoeld in de Wet forensische zorg
  • rijksinrichtingen als bedoeld in de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen
  • instellingen die uitsluitend abortuskliniek zijn met een vergunning op grond van de Wet afbreking zwangerschap